9 Oktober 2018: Naar Sobrado dos Monxes 25 km

Sorry, maar dit blijkt een k…dag te worden. Het begint met teveel gesnurk en rumoer afgelopen nacht, dus te weinig slaap. Afijn, mijn laatste nacht in een herberg, vanaf nu eigen kamers. Om half 8 ga ik het bed uit, er zijn al verscheidene pelgrims aan het rommelen in het duister, enkelen zijn zelfs al weg. Ik doe het grote licht aan, die 4 Spanjaarden mogen ook wakker worden en eruit, het is hier een pelgrimsherberg en geen vakantieoord. Het ontbijt in de bar is pan tostada met koffie, minimaal. Om half 9 stap ik naar buiten, en mijn humeur wordt meteen beter. Het is erg fris, maar niet zo koud als gister, en de buitenlicht kikkert me op. Het is licht nevelig en dat geeft een bijzonder mooi sfeertje. Vooral als ik een klein stuk verder de asfaltweg verlaat en links een pad naar de heide opdraai.
Ik ben mijn gebrek aan slaap al vergeten en loop volop te genieten, in mijn eentje nog, geen andere pelgrims in de buurt. Na deze heide volgt eerst een mooi pad afgezet met oude stenen,
dan kom ik op een soort plateau met een heel mystieke sfeer.
Een kwartier later heeft de zon het gewonnen van de nevel, de flarden daarvan hangen nog in het dal,
en het ene mooie beeld na het andere verwondert mijn ogen.
Dit zijn toch de momenten waar ik het als pelgrim en wandelaar voor doe, zo mooi. Dat dringt door tot op het bot!
Natuurlijk kan de boog niet de hele dag gespannen staan. Na 4 km eindigt het mooie traject op een rustige asfaltweg, dan een klein stuk bosweg, vervolgens weer asfaltweg. En dat blijft voorlopig zo, helaas. Weinig bereden, maar toch. Roxica na 10 km zou een mooie plek zijn voor een stop, maar de bar bij de herberg van Elena is niet meer; ik ga het vragen maar nee, alleen nog herberg. De route loopt door de weinigzeggende gehuchten Cabana, Travesa en Marcela waar een bar zou zitten. Je raadt het al, dicht. Volgens de gids komen we dan langs een boerderij die wel eens drankjes aanbiedt, maar nu niet. In een bushokje ga ik even zitten om mijn banaan te eten en een paar minuten rust te nemen. Dat asfalt is extra zwaar aan de voeten, zo voelt het vandaag tenminste wel. 
Weer verder naar het hoogste punt van deze camino op 714 meter, maar het punt zelf stelt niks voor, gewoon over het asfalt van de AC-934. Ik heb bijna 20 km gelopen als er zich in Mesón eindelijk een bar aandient die wel open is, Bar Suso. Dat gaat een lange pauze worden met koffie, empanada Atun, een Napolitano en cola. Kurt en Debby komen ondertussen ook binnen, net als enkele andere pelgrims. Allemaal zuchten en steunen over eindelijk een bar! Na 3 kwartier weer verder over asfalt door enkele dorpjes, dan eindelijk weer eens een onverhard pad.
Tijdens de afdaling naar Sobrado dos Monxes komt het Lago de Sobrado in beeld, even een klein uitstapje maken naar de oever.
Een stukje verder kom ik over de brug van de Río Tambre, en loop dan Sobrado in, met zicht op het klooster.
In het centrum moet ik op de hoofdweg naar rechts voor Albergue Lecer, waar ik een kamer gereserveerd heb. Ik blijk dan bij Albergue Lecer te komen, waar ik inderdaad moet inchecken, de sleutel krijg, en een plattegrondje van het centrum waar mijn kamer ligt. Is in een apart appartementengebouw de andere kant de hoofdstraat in, nog geen 500 meter lopen.Een mooie kamer, de badkamer delen met andere gasten, keuken, groot balkon met waslijnen, prima allemaal. Ik ga gauw douchen en mijn kleren wassen, merk dat ik op mijn grote teen rechts een flinke blaar heb gelopen, Toch te lang doorgelopen op het vele asfalt vandaag. Ik laat het nu zo, morgenochtend verder bekijken. Aan de overkant op een terrasje ga ik koffie en een biertje drinken en schrijfwerk doen, vanaf half 5 kan het klooster bezichtigd worden. Tegen die tijd loop ik door de boog van het klooster Santa María de Sobrado.
Het kerkgebouw ziet er aan de buitenkant uit alsof het wel wat onderhoud zou kunnen gebruiken, het groen heeft zich op meerdere plekken genesteld.
Het klooster bestaat sinds 14 februari 1142, in 1834 wordt het klooster door koninklijk besluit opgeheven. In 1954 begint de restauratie, na een blikseminslag in 1972 wordt de rechtertoren herbouwd. 
Na betaling van € 2 mag ik naar binnen, ik krijg zelfs een Nederlandstalige beschrijving mee. Eerst naar de kloostergang van de peregrinos, waaromheen de slaapruimten voor de pelgrims liggen. De kloostergang dateert uit 1625-1635.
In deze kloostergang ligt een trap, la Maristela, naar de privé-verblijven van het klooster. Via een doorgang
kom ik in de kloostergang van de medaillons, gebouwd in 1741-1744. 
In de 4 buitenhoeken zijn allegorische voorstellingen aangebracht,
en boven de vensters 36 medaillons met busten van heiligen, monniken, koningen etc. 
Nog enkele mooie vertrekken zijn:

kapittelzaal

sacristie

abdijkerk

Het kloostergebouw ziet er aan de buitenkant ook niet echt goed onderhouden uit.

klooster

Na dit indrukwekkende bezoek vinden we tegenover het kloostercomplex een mooi restaurant met leuk terras, Cafetaría Plaza Sobrado, waar we een biertje gaan drinken. In de avond keer ik hier terug, en neem eerst een wijntje op het terras, wachten op Kurt en Debby die naar de Vespers zijn. Samen met Fransman Stefan gaan we rond 20 uur aan tafel, en besluiten een paar schotels met tapas te bestellen: Salmon, Pulpo en Puntillas (soort gefrituurde calamares met uitjes). Het smaakt allemaal uitstekend. We nemen 2 verschillende toetjes, een soort flan van ananas en van banaan, met zijn 2’en delen. Pas na half 10 ben ik terug op mijn kamer. Morgen de laatste dag op de Camino del Norte, in Arzúa kom ik op de Camino Francés.

TERUG NAAR VORIGE DAG                         VERDER NAAR VOLGENDE DAG

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.