12 Oktober 2018: Naar Santiago 21 km

Om 7.15 uur is er al veel rumoer op mijn etage, ik moet plassen, dus opstaan. In de kamers naast me blijken twee oudere dames te hebben geslapen, met giga rolkoffers zijn ze in de weer met de lift naar beneden. Ik moet eerst een klein stukje terug de hoofdstraat in voor een ontbijtbar. Over dat ontbijt doe ik zo rustig mogelijk, nadeel van deze periode is, dat het ’s ochtends laat licht wordt en ’s avonds weer vroeg donker. Het liefst ga ik wandelen als het rond 6 uur licht wordt. Op de kruising met het stadhuis sla ik de route in naar de camino, goed met pijlen aangegeven. Achteraf had ik dat direct kunnen doen, ook op dit stuk in Pedrouzo zijn al 2 bars open voor ontbijt. Eenmaal Pedrouzo uit is het toch wel aardig donker in het bos, op de film is dat goed te zien.
Na dit eucalyptusbos wordt het opener naar San Antón, achter me komt zelfs de zon er even door.
De kant waar ik heen moet ziet er echter veel dreigender uit. Ik loop even op met een Zuid-Koreaanse, gestart in Saint-Jean-Pied-de-Port, kwam om 19 uur in Roncesvalles aan en sliep toen in het hotel omdat de rest vol was. Om 5 weken de camino te kunnen doen moest ze ontslag nemen, omdat ze in Zuid-Korea niet zolang vrij kunnen krijgen. Na de camino gaat ze weer werk zoeken, ze is verpleegster, dus ze heeft goed hoop. Na San Antón loop ik weer eens door een mooie oude holle weg.
Vlak bij het vliegveld van Santiago kom ik bij een modern pelgrimsbeeld.
Niet veel verder trek ik toch de poncho maar aan, het gaat teveel regenen. Het pad van de camino loopt pal langs het vliegveld.
Nog geen 5 minuten later kom ik in San Paio bij Casa Porta de Santiago, stampvol met natte pelgrims. Gelukkig komt er net een stoel aan een tafeltje vrij, zodat ik hier rustig mijn koffie kan drinken. Een stempel krijg ik hier niet, een van mijn collega-pelgrims heeft de stempel geleend maar niet terug gebracht, foetsie dus. Na de koffie vertrek ik zonder poncho, maar nog geen kwartier later gaat het te hard regenen, jammer. Weinig verder loop ik Lavacolla in, kom langs de kerk,
en meteen daarna over een bruggetje waar 2 beken in elkaar vloeien. Nog een uur lopen, ik kom aan bij Monte do Gozo, het regent inmiddels behoorlijk. Toch besluit ik hier zo’n 400 meter van de route af te gaan, langs het monument tere ere van het pausbezoek begin jaren 90, op weg naar het pelgrimsbeeld. Twee keer eerder was ik in Monte do Gozo, de berg van de vreugde, maar nog nooit bij dit pelgrimsbeeld.
Dat maakt toch indruk op me, vanaf hier keken de pelgrims vroeger over de stad uit en zagen de kathedraal liggen. Dat laatste is vandaag wat moeilijker, niet alleen door de vele nieuwere bebouwing ervoor, maar vooral door het grijze weer. Ik ben toch blij dat ik ondanks dit natte weer de moeite heb genomen hierheen te gaan.
Terug naar de camino, de regen sopt via mijn natte broek en sokken in mijn schoenen, en via de kraag van mijn poncho naar binnen, mijn polo wordt kletsnat. Eigen schuld, ik heb de capuchon niet opgedaan, het kan me ook weinig schelen, de laatste dag mag alles nat worden. In een rap tempo loop ik door de oninteressante straten van de buitenwijken, tot ik vlak voor het betreden van de oude binnenstad via de Porta de Camino mijn naam hoor roepen; Kurt komt in de deuropening van een bar! Even naar binnen, kletsen, een witte Albariño drinken op onze aankomst, al staand, want er is geen zitplek vrij. Samen lopen we de oude stad binnen, via de Praza de Cervantes naar rechts richting kathedraal, de mij zo bekende trappen af naar de Praza do Obradoiro. Kurt is hier voor het eerst en onder de indruk, ondanks het rotweer. Onder de bogen van het stadhuis tegenover de kathedraal schuilen we, en maken foto’s van onszelf.
Iemand maakt met de mobiel een foto van ons samen.

Mijn 5e aankomst in Santiago, toch weer een hele belevenis. Een half jaar geleden stond ik hier met Janny, het voelt allemaal heel erg vertrouwd. Dan lopen we naar de Rúa do Vilar, ik om in hotel Rúa Villar de sleutel van Pension Nova te halen, Kurt voor de toeristeninfo in deze straat. De dame van de receptie is erg aardig, ondanks mijn gedrup. Snel naar de kamer, natte zooi uit en warm douchen, de laatste keer mijn onderbroek wassen. De kamer is erg klein, weinig plek om natte spullen te drogen, dat zal niet meevallen met dit weer.
Daarna ga ik in de regen, met blote voeten in sandalen, eerst een goedkope paraplu kopen en iets verder naar A Taberna do Bispo in de Rúa do Franco om enkele tapas te eten: Lagostinos al ajillo, crocante de queso Brie en Pate de Iberico, onder het genot van een Albariño. Als postre pudding de coco en koffie. Zo, de toon is gezet. Bij het pelgrimsburo is het erg druk, ik ga morgenochtend wel terug. Aan mijn plu heb ik weinig, het waait te hard, dus óf de regen slaat er onderdoor, óf de plu klapt binnenste buiten. Terug naar de kamer, het regent te hard, mijn grijze broek is al weer aardig nat geworden.

Ik heb met Kurt via app afgesproken elkaar rond 20 uur te treffen bij de bogen van het stadhuis. Om 19 uur loop ik alvast naar de kathedraal om te kijken hoe druk het hier is op dit tijdstip.
De voorgevel ziet er na de restauratie weer mooi uit, in april was de helft nog in de steigers. Jacobus is bovenin weer helder aanwezig.
We besluiten naar tapasbar Petiscos do Cardeal te gaan. Erg goed gegeten hier, en gezellig gezeten, aardige bediening. Even kort twee Belgische dames gesproken aan een tafel naast ons, zij zijn met de fiets vanuit Brussel naar Santiago gekomen. Daarna neem ik Kurt mee naar Café The Bistro in de Rúa do Vilar, voor een afsluitende koffie met een neutje. De komende dagen zullen we waarschijnlijk ieder ons eigen plan trekken, Kurt gaat zondag met de bus naar Finisterre. Ik loop nog even naar de kathedraal voor een blik bij avond, het blijft een mooi gezicht.
Betrekkelijk rustig op het plein, La Tuna gaat niet spelen. Nog 2 avonden kans daarop. 
Vanavond sluit ik hier mijn camino als pelgrim af, de komende dagen loop ik hier meer als toerist rond.

13, 14 en 15 oktober.
Bij bar la Botafumeiro ga ik ontbijten, daarna loop ik naar het pelgrimsburo. Na ongeveer 20 minuten wachten krijg ik mijn compostela, het is inmiddels half 10 geweest, naar de Huiskamer van het NGSJ ga ik later wel. Ik breng mijn credencial en compostela naar mijn kamer en wandel naar El Corte Inglés. Hier steek ik mezelf in het nieuw met jeans, overhemd en schoenen, en een grote, stevige plu. Weliswaar is het nu droog, maar er komt meer regen aan. De rest van de dag maak ik meerdere rondjes door het centrum, alles nog eens rustig bekijken. Meerdere plekken voor een kop koffie, bij Bierzo Enxebre eet ik tussen de middag een menu, maar in tegenstelling tot het enthousiasme in mijn Duitse gids ben ik niet onder de indruk.
’s Middags komt de zon er zelfs door, met een vest aan zit ik eerst een tijdlang op de stenen banken van de Praza da Quintana, daarna op het terras daar. Er valt veel te zien, toeristen en pelgrims vooral.
’s Avonds ga ik terug naar Petiscos do Cardeal en geniet wederom van de gastvrijheid en de heerlijke tapas. Niet van de menukaart bestellen, maar gewoon met de ober meelopen naar de vitrinebar vooraan en aanwijzen. Ik sluit af op het terras van Casa das Crechas in de Via Sacra. Het is weer gaan regenen, tijd om naar mijn kamer te gaan.

Zondagochtend regent het nog steeds, ik ga om de hoek ontbijten bij Casa da Balconada. Geleidelijk aan wordt het wat droger, om half 11 kom ik langs de ingang van de kathedraal aan de Praza das Praterías. Het hele weekend is het al druk in Santiago, mede door de feestdag van 12 oktober (vanwege de ontdekking van Amerika door Columbus), en bij de ingang staat nu al een hele rij voor de mis van half 1. 
Dit is de enige ingang, de Portica de la Gloria bovenaan de trappen aan de Praza do Obradoiro is dicht, en de deuren aan de Praza da Inmaculada dienen enkel als uitgang. Vanwege beveiliging of onderhoud, ik weet het niet.

Na de lunch ga ik terug naar mijn kamer, dan schiet me ineens te binnen dat ik de Huiskamer vergeten ben. Aangezien ik geen heibel met Chris Strijbos wil ga ik nu meteen, het is inmiddels kwart over twee. In de Huiskamer worden net 2 pelgrims uitgezwaaid, er zitten nog een echtpaar en twee jongedames. Ik haak aan en schrijf alvast mijn naam in het register, omdat het toch pal voor mijn neus ligt. Nummer 2217 meen ik, in april waren we 98 en 99. Een half uur kletsen met de 2 meiden uit Uden, zijn op de fiets vanuit huis vertrokken. In Logroño bedachten ze, dat ze lopend meer contact met andere pelgrims zouden krijgen. Dus stuurden ze de fietsen en wat bagage terug naar huis en zijn verder gaan wandelen, heel apart! Als ze daarna hun namen in het register schrijven zegt er een, “ik ken ook een Rullmann, uit Nijmegen, Marlies heet ze”. Stik, das mijn dochter, zeg ik. Nou zeg, studiegenootjes op Artez, af en toe nog contact met elkaar. Ik herinner me nu dat Marlies mij voor mijn vertrek vertelde van iemand die zij kende, die onderweg was. Maar daaraan had ik totaal niet meer gedacht. Dat ik Wies uitgerekend vanmiddag hier moet zien, dat is toch geen toeval dat ik gisteren finaal vergeten ben naar de Huiskamer te gaan???

Met Wies en haar zus uit Uden, studiegenote van Marlies

Van de ingang van het Colexio de San Xerome (universiteitsgebouw?) maak ik foto’s van de mooie ingang,
met in de linkerboog een beeldengroep met Jacobus.
Voor het avondeten een wandeling door het park Alameda met mooi uitzicht op de kathedraal. Voor de 3e keer naar Petiscos do Cardeal waar ik geen spijt van heb. Op de Praza das Praterías is ’s avonds een spektakel aan de gang met vuurblazers.
Ik heb geluk, een kleine bezetting van La Tuna komt om 22 uur spelen onder de bogen. Helaas weinig belangstelling, te koud, wel droog. Na 3 kwartier is het gedaan en ga ik terug naar mijn kamer.

Maandagmorgen regent het weer. Bij Casa da Balconada ga ik weer ontbijten, daarna de rugzak halen en naar de Praza de Galicia voor de bus naar het vliegveld. Ik heb een vroege bus, of eigenlijk een late; deze heeft 15 minuten vertraging, vandaar dat ik meteen mee kan. Zoals gewoonlijk gaat inchecken vlot, ruim tijd voor een koffie. De vlucht gaat voorspoedig, rond 15 uur landen en een uur later in de Intercity naar Nijmegen. Dan nog de bus naar huis, en even na 18 uur ben ik thuis, weer bij Janny. Veel gezien, veel beleefd, fijn om weer thuis te zijn. Deze camino is mij uitstekend bevallen, ik heb er in ieder geval de drive aan over gehouden volgend jaar weer iets te ondernemen. Met weemoed denk ik terug aan het mooie Santiago.

TERUG NAAR VORIGE DAG                         TERUG NAAR BEGIN

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.