10 Oktober 2018: Naar Arzúa 22 km

Lekker bijgeslapen, dat was nodig. Eerst een compeed op mijn blaar, om 8 uur loop ik naar buiten, direct Fransman Stefan tegen het lijf. Ik vraag hem of hij op weg is naar de ontbijtbar? Nee, die verderop is dicht, voor ontbijt moet ik een paar honderd meter terug naar de bar tegenover Albergue Lecer. We nemen afscheid en ik loop terug, mazzel dat ik hem tegenkwam. Bij de bewuste bar een lekker ontbijtje, daarna via een klein straatje Sobrado uit met een terugblik op het indrukwekkende klooster.
Goed weer, helder, fris, net op TV in de bar gezien dat het op Mallorca en in Andalusië noodweer is, tja. Ik loop hier lekker in het zonnetje naast mezelf.
De route is afwisselend over kleine asfaltwegen, bos- en natuurpaden, met mooi uitzicht, gewoon aangenaam wandelen. Ik heb geen last van mijn blaar, het wandelen gaat goed. In de buurt van het gehucht Peruxil een mooie holle weg.
Het is een aaneenschakeling van gehuchtjes, na Vilarchao even klimmen, na Casanova uitzicht op het landschap.
Na 8,5 km kom ik bij Bar Carreira in Corredoiros, Kurt en Debby zitten hier al. Hebben inderdaad geen ontbijt gehad in Sobrado, hier pas. Een Napolitano, de grote chocoladecroissant, bij de koffie smaakt me iedere keer weer goed, een lekker energiehapje. Na de koffie nog een kort stukje door de natuur, met uitzicht,
maar zodra we Boimil inlopen is het gedaan met de pret. Eerst een paar km door de woonwijken van Boimil en Boimorto, waar we vergeefs proberen een stempel bij de Oficina de Turismo te krijgen. De borden staan er nog wel, maar de oficina bestaat al even niet meer. De rest van de route gaat over asfalt, over en door het laaggebergte met boerenbedrijfjes en boerengehuchtjes. Na bijna 14 km komen we in Sendelle waar mogelijk een bar is. Zoals zo vaak, dicht. Wel een aardig kerkje, de Santa María de Sendelle.
Ook in Castro geen restaurant of bar, volgens de gids “unregelmäβig geöffnet”, volgens mij regelmatig gesloten. Verder richting Arzúa over dit soort asfaltwegen.
Wijs geworden door gisteren pak ik mijn kans bij een bushokje, een kwartiertje rust hier en mijn appel eten. Ietsje verder, kort voor Arzúa, geeft een paaltje aan dat het minder dan 40 km is naar Santiago.
Lijkt me iets te weinig, maar goed. Kort voor Arzúa gaat het eerst omhoog, dan lopen we ineens de buitenwijken in. Niet echt spectaculair. Vlak voor we bij de hoofdweg N-547 komen sla ik rechtsaf, Kurt en Debby volgen de route richting hun herberg. Via de Calle del Padre Pardo kom ik in de Calle de Ramon Franco, waar mijn Pension Casa Frade ligt. Een kamer op de 2e etage, met 2 grote bedden en een badkamertje. Simpel maar goed. Snel de rugzak af en het centrum in, hier moet ergens Pizzeria Il Fornaccio zitten. Ik weet die echter niet te vinden, vraag het ergens, dan blijkt dat ik er al langs kwam, maar tot de avond gesloten. Jammer, but I’ll be back! Bij een andere bar bestel een broodje gezond, erg lekker, met een caña erbij.
Terug naar mijn kamer, douchen, wasje doen, buiten voor mijn raam hangt een waslijn, super. Rusten, scheren (was ik eerder vergeten), beneden geregeld dat ik morgen om half 9 ontbijt krijg, en terug het centrum in. Meteen op de hoek van de drukke N-547 zit Debby met enkele Engelse vrouwen te kletsen. Ik bestel een biertje en ga erbij zitten, maar al snel verkas ik naar binnen. Veel te druk buiten, zowel het verkeer als het geklets. Hier binnen kan ik rustig schrijven en lezen, merk toch wel dat ik me het beste voel zo in mijn uppie, of met iemand erbij, maar niet dat massale.

De weersvooruitzichten voor de komende dagen zijn niet best; de lucht begint al te betrekken, dus die regen vannacht zal wel komen. Afijn, 2 weken mooi weer gehad, dus niets te klagen. na dit biertje ga ik een uitgebreid rondje centrum doen, de caminoroute door Arzúa filmen, want morgenochtend sla ik daarvan een stukje over rechtstreeks vanuit mijn pension. Bovendien is het afwachten wat het weer morgen doet. Tjonge, wat een drukte met pelgrims, zelfs nu op 10 oktober! Met grote rugzak, kleine rugzakjes, zonder rugzak, alle soorten komen voorbij. De hele infrastructuur is er op ingericht: talrijke bars en restaurants, wasserijen, zelfs nog een internetcafé. Ik scoor hier ook mijn recordprijs in een supermercado, € 0,20 voor een 1,5 literfles water. In een rustig stukje langs de camino, uit de inmiddels frisse wind nestel ik mij met een koffie op het terras, langslopende pelgrims observeren. 
Even langs de toeristeninfo voor een stempel, maar veel te druk daar. Op de kamer mijn camelbag alvast bijgevuld en de compeed op mijn teen bijgewerkt, was losgegaan. Om 18.45 uur meld ik me bij Il Fornaccio, eerst een glas Rioja op het terras.
Kurt komt langs, ik vraag of hij zin heeft samen pizza te eten. Doen we, we nemen samen een grote Pizza Diavola en een fles wijn,
Kurt is duidelijk ook een liefhebber van het bourgondische. Ik neem een panna cotta na, als we het straatje uitlopen richting herberg en pension zien we Debby ergens binnen zitten. We gaan naar binnen, even kletsen en een kop koffie drinken. Komt een van de 4 Spanjaarden alias rugzakvervoerders binnen met 2 flessen wijn. Gekocht voor in de herberg, maar geen kurkentrekker. Hij vraagt de barman om de flessen voor hem open te maken, en Debby krijgt hier alvast een glaasje. De barman vertrekt geen spier. Ja, je maakt wat mee als pelgrim! Terug op mijn kamer ga ik nog even lezen tot de slaapimpuls komt, morgen de drukte in van de Camino Francés.

TERUG NAAR VORIGE DAG                         VERDER NAAR VOLGENDE DAG

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.